Trefwoordenlijst

Vaktermen en woorden gerelateerd aan geweldloze communicatie

Amber Miniscloux
Disciplinaire maatregel : Tuchtmaatregel
Geweldloos verzet : Zonder gebruikmaking van geweld.
Psychotherapie : Genezingsmethode die werkt met psychische middelen.
Steen-in-de-vijver effect : Ouders die een consistent inperkende aanpak hanteren om een einde te maken aan het schadelijke gedrag van hun kind. Daarmee brengen ze niet alleen een vermindering van het gedrag teweeg, maar zien ze in de loop van de tijd ook het functioneren van het kind op andere terreinen verbeteren.

Axelle Lescrauwaet
Meta analyeses: Een onderzoek warbij de resultaten van aaerder uitgevoerde onderzoeken samen genomen o een preciezere uitspraak te doen over een bepaald fenomeen of theorie.
NEO-PI: De NEO-Personality Inventory-revised meet de vijf eigenschappen die worden onderscheiden door het Big Five model
Microcounseling method: Microcounseling is a video method of training counselors in basis skills of counseling within a short period of time
Microskills: The term “microskills” refers to specific competencies for communicating effectively with others. 
Regression analyses: In statistical modeling, regression analysis is a set of statistical processes for estimating the relationships among variables. It includes many techniques for modeling and analyzing several variables, when the focus is on the relationship between a dependent variable and one or more independent variables (or 'predictors').
Summerizing: Summarizing is defined as taking a lot of information and creating a condensed version that covers the main points.
Restriction of range: Imposition of conditions by a researcher which limit the whole range of scores having been collected to a very constrained fraction of the total for observation.
Interjections: The interjection is a part of speech which is more commonly used in informal language than in formal writing or speech. Basically, the function of interjections is to express emotions or sudden bursts of feelings. They can express a wide variety of emotions such as: excitement, joy, surprise, or disgust.
Distinction: The recognizing or noting of differences; discrimination

Fie Ledegen
Medelevende communicatie: Synoniem van het begrip geweldloze communicatie.
Cultus: De verering van een bepaalde godheid, voorwerp of idool.
Geweldloze communicatie: Het is een wijze van communiceren waarvoor Marshall Rosenberg een model/theorie heeft ontwikkeld.
Sekte: Is een geloofsgemeenschap met opvattingen en gebruiken die zich onderscheiden van overige geloofsgemeenschappen die behoren tot dezelfde stroming als de sekte. Vaak zijn ze gesticht door een charismatische leider met een nieuwe leer of openbaring.
Sektarisch: Het bijvoeglijk naamwoord sektarisch heeft de connotatie van verkettering en onverdraagzaamheid door een nadruk op kleine doctrinaire verschillen.

Flore Tousseyn
Faciliteren: Vergemakkelijken
Dopamine: Een amine die als uitgangsstof dient bij de productie van adrenaline en noradrenaline en die tevens dient als neurotransmitter
Neurotransmitter: Stof die in de synaps, de elektrische prikkels tussen zenuwcellen onderling en zenuwcellen en spieren overdraagt
Psilocybine: Stofnaam door paddenstoelen gevormd indolderivaat dat o.a. hallucinaties, hilariteit en concentratieverlies veroorzaakt en dat werd ontdekt in een Mexicaanse kaalkopjessoort, maar ook in andere soorten van dat geslacht voorkomt en erratisch in andere geslachten van de plaatjeszwammen, ook in Europa
Proactief: in zijn handelen of optreden anticiperend, vooruitlopend op verwachte toekomstige werkingen of handelingen of de resultaten daarvan

Leen Decroos
Acquiesce: Aanvaarden, instemmen
Anthropology: Antropologie
Biases: Neiging, tendens
Clergy: Geestelijkheid
Communal: Gemeentelijk
Denominational: Bijzonder
Depiction: Afbeelding, beschrijving
Dichotomy: Tweedeling
Diminishes: Verminderen
Dissension: Meningsverschil
Emerge: Tevoorschijn komen
Entrenched: Schenden, overtreden
Eradicated: Ontwortelen
Evokes: Oproepen
Exasperated: Geërgerd
Exegete: Bijbelverklaarder
Flummoxed: In verwarring brengen, van zijn stuk brengen
Foster: Opvoeden, kweken
Interdependece: Onderlinge afhankelijkheid
Interfaith: Interreligieus
Liberation: Bevrijding
Mediator: Bemiddelaar
Parishioner: Parochiaan
Profession: Verklaring
Reciprocity: Wederkerigheid
Reconcile: Verzoenen
Resonates: Resoneren, weerklinken
Self-revelation: Zelfonthulling
Solely: Uitsluitend
Seminarians: Priesterstudenten
Sermons: Preek
Squelch: Verplettering
The ebb: Verval, achteruitgang
Thriving: Gedijen
Vitriolic: Bijtend, sarcastisch

Simon Tanghe
Adolescent: Iemand die zich bevindt in de overgangsfase van jeugd naar volwassenheid. Volgens de wereldgezondheidsorganisatie gaat het hier over 10 tot 20 jarigen.
Affective Empathy: Ook gekend als “emotional empathy.” De mogelijkheid om met de gepaste emoties te reageren op iemand.
Amicable: Zijnde van goede wil.
Cognitive Empathy: De mogelijkheid om iemands perceptie, gedachten, gevoelens te begrijpen.
Empathy: Inlevingsvermogen. De kunde of vaardigheid om zich in te leven in de situatie en gevoelens van anderen.
Priming: Impliciet effect in het geheugen waarbij blootstelling aan een bepaalde stimulus een reactie uitlokt op een andere.
Prosocial Behavior: Gedrag dat gesteld wordt met de intentie om anderen te helpen.
Regression: Terugvallen op een vroeger stadium.

Tony Oliveira

anachronism: Een anachronisme is iets wat niet helemaal in zijn tijd past. Of, preciezer geformuleerd: een al dan niet gewilde inbreuk op of breuk in de chronologische samenhang van toestanden of gebeurtenissen
Cognition: Cognitie is het vermogen tot kennisverwerving door waarneming en het verwerken van de daarmee opgedane informatie door het denken.
Etymology: Etymologie is het bestuderen van de herkomst van woorden uit een bepaalde taal. Men onderzoekt de basis van het woord en bekijkt zo hoe het is ontstaan en wat de precieze betekenis is. Dit wordt gedaan omdat ook woorden een geschiedenis hebben en door de jaren heen blijven veranderen
inferior-superior: In anatomical terminology superior (from Latin, meaning "above") is used to refer to what is above something, and inferior (from Latin, meaning "below") to what is below it. For example, in the anatomical position the most superior part of the human body is the head, and the most inferior is the feet.[8][9] As a second example, in humans the neck is superior to the chest but inferior to the head.
Perspective-talking: Rekening houden met het ander z’n oogpunt tijdens de communicatie.
Reciprocity: Wederkerigheid is de onderlinge verplichting binnen een relatie om een gift te beantwoorden met een tegengift. Als de relatie gelijkwaardig is, is er sprake van reciprociteit, terwijl bij ongelijkwaardige wederkerigheid wordt gesproken over redistributie.

Jade Delmeiren
Acute: Plotseling (optredend): acute ziekten met snel verloop (tegenstelling: chronische).
Escalatie: Het van stap tot stap ernstiger worden van een conflictsituatie.
Herinterpretatie: Nieuwe, andere interpretatie.
Onbesuisde: Onbeheerst, onstuimig.
Ongerijmd: Absurd.
Resoluut: Vastberaden.
Stramien: Model.
Voorwenden: Fingeren, simuleren, veinzen, voorgeven.

Chloé Terry
Descriptieve normen: “De gemiddelde mate waarin bepaald gedrag voorkomt.”
Peer-normen: “De peer-norm representeert de mate waarin bepaald gedrag (zoals agressie) normaal gevonden wordt en geaccepteerd wordt binnen een klas en kan daarmee een basis vormen voor hoe belangrijk dat gedrag is voor vriendschapsselectie en invloed.”
Populariteitsnormen: “De mate waarin bepaald gedrag (zoals agressie) gerelateerd is aan populariteit in de klas.”
Reputational-salience-hypothese: Deze hypothese stelt dat “gedragingen die een goede reputatie (ofwel populariteit) kunnen opleveren belangrijk zijn voor jongeren omdat jongeren tijdens de puberteit in toenemende mate streven naar populariteit binnen zijn groep. Gedragingen die geassocieerd zijn met populariteit worden gezien als waardevol, omdat het overnemen van deze gedragingen een middel kan zijn om zelf ook populair te worden.”
Socialisatie: “Socialisatie is het dwingend proces waarbij iemand, bewust en onbewust, de waarden, normen en andere cultuurkenmerken van zijn groep krijgt aangeleerd. Het is een levenslang proces en een voorwaarde voor integratie.”

Mayte Delecluyse
agressie: Wat iemand als agressie ervaart, varieert van persoon tot persoon. De één ervaart iets als zwaar, de ander haalt voor hetzelfde incident zijn schouders op. Daarom deze ruime definitie met plaats voor ieders subjectieve mening.
geweld: houdt in dat je agressie intentioneel en doordacht gebruikt om een doel te bereiken.
afzonderingsruimte: Waar ze cliënten naar toe brengen wanneer ze een gevaar voor zichzelf of voor anderen zorgen
life space crisis intervention: De LSCI is een zeer gestructureerde methodiek om met kinderen en jongeren in gesprek te gaan over hun agressief gedrag.
restoratieve cirkel: ook wel herstelcirkels genoemd is om de geleden schade of kwetsing ten gevolge van een incident te herstellen zodat men daarna weer op een constructieve wijze met elkaar verder kan gaan.

Lukas Terryn
fysieke agressie: gaat het om agressie waarbij fysieke kracht wordt gebruikt om een ander kind lichamelijk te treffen
verbale agressie: Je hebt openlijke en bedekte agressie. Openlijke agressie is duidelijk zichtbaar en hoorbaar en kan zowel fysiek (slaan) als psychisch (schelden) van aard zijn. Bedekte agressie heeft betrekking op gedrag dat niet direct als agressie wordt onderkend maar wel degelijk de bedoeling heeft de ander schade te berokkenen
manifeste agressie: Openlijke confrontatie met een aanval op het slachtoffer
incidentele agressie: een eenmalige uitschieter en wordt ook wel omschreven als reactieve agressie
structurele of chronische agressie: In dat geval is agressie min of meer een gewoonte geworden in de omgang met
automutilatie: zichzelf op verschillende manieren kwetsuren toebrengen
relationele agressie: ook wel omschreven als sociale agressie − is een belangrijke vorm van agressie waarbij via manipulatie andere kinderen buiten de groep worden gezet en hen opzettelijk leed wordt toegebracht

Zeno Ubachs
Cognitive dissonance: The psychological tension that occurs when one holds mutually exclusive beliefs or attitudes and that often motivatespeople to modify their thoughts or behaviors in order to reduce the tension.

Dialogize: To carry on a dialogue.

Diminution: a. The act or process of diminishing; a lessening or reduction.
b. The resulting reduction; decrease.

Exhaustive: Tending to exhaust.
Gab: To talk excessively or idly, as about trivial matters (gossip; chatter).